Quick-Step

Vintage is het nieuwe toverwoord in laminaat. In de collecties domineren de ambachtelijke, doorleefde vloeren. Brede planken geven een robuuste optiek. Bij de parketdecors staat tropisch hardhout centraal. Onder de steensoorten zijn leisteen en beton dé trend. Dankzij driedimensionale embossing technieken kan ook het originele reliëf tot in de puntjes worden nagebootst.

Laminaat is mooi, gemakkelijk zelf te leggen en bovendien betaalbaar. Het materiaal is supersterk, te danken aan een doordachte opbouw. De kern bestaat uit houtvezelplaat (HDF of MDF) met daarop een laagje dessinpapier. Hierop worden weer diverse slijt- en slagvaste kunststof lagen aangebracht. Deze slijtlagen worden met het jaar sterker, onder andere dankzij ingestrooide aluminium deeltjes. Bij de betere kwaliteiten zit onder het dessinpapier nog een extra laagje krachtpapier.

Rustieke look
Tegenwoordig is laminaat met het blote oog bijna niet meer van echt te onderscheiden. De kenmerkende nerftekening en rijke kleurschakeringen van houten vloeren worden met behulp van verfijnde reprotechnieken tot in detail nagebootst. Tegenwoordig kan zelfs de voelbare oppervlaktestructuur - nerfjes, noesten, butsen - perfect in reliëf worden geperst. Laminaat in tegeldecor heeft voelbare voegen en handvorm putjes.

Ook de afwerking draagt bij aan een authentiek uiterlijk. Wat te denken van vellingkantjes (V-groeven) of stoer teakhout met zwarte kitnaden waarmee de suggestie van een scheepsvloer wordt gewekt. Daarnaast zijn er dan nog de ambachtelijke bewerkingsprocédés zoals schrapen en borstelen. Zelfs de sleetse white-wash kalkoptiek is inmiddels succesvol geïmiteerd.

Prints en patronen
Bij de houtsoorten zien we steeds meer prints van exotische soorten opkomen, het liefst in donkere kleuren zoals ebben en wengé. Een betaalbaar en milieuvriendelijk alternatief. Daarnaast kennen we laminaat met het uiterlijk van natuursteen. Bij de plavuizen zijn leisteen, travertin en betonlook de nieuwste opties, naast klassiekers als terracotta en hardsteen. Een derde groep is het zogenaamde art laminaat met fantasiemotieven, veelal hippe retro-motieven. Voor kinderen zijn er vrolijke kleurtjes.

Met laminaat zijn ook mooie patronen te leggen. Combineer bijvoorbeeld eens verschillende houtdecors of een houtprint met een steenprint. Naast de standaard lamellen zijn er ook inlays (vierkante tegeltjes) die ingewikkelder mozaïeken mogelijk maken. Een recente noviteit zijn de smalle korte lamellen voor het leggen van traditionele patroonvloeren waaronder klassiek visgraat en blokmotief.

Welke sterkteklasse?
Gemene deler van alle laminaatsoorten is de harde toplaag. Laminaat wordt alom beschouwd als vrijwel onverwoestbaar. Maar pas op: de ene toplaag is de andere niet. Er bestaan grote verschillen in krasweerstand, stootvastheid, slijtwaarde, gladheid en vlekbestendigheid. Laminaat kan in drie categorieën worden onderverdeeld: categorie 1, geschikt voor licht gebruik (slaapkamer of berging); categorie 2, geschikt voor normaal gebruik (woonkamer of gang) en categorie 3, geschikt voor zwaar, dan wel commercieel gebruik (werkruimtes). In de tabel zijn de sterkteklassen aangegeven. Hoe hoger de klasse, hoe beter het product. De 20-reeks is bedoeld voor particulier gebruik; de 30-reeks voor commercieel gebruik.

Sterkteklassen
AC1Klasse 21 - licht gebruik

AC2Klasse 22 - normaal gebruik

AC2 Klasse 23 - intensief, licht commercieel gebruik

AC3 Klasse 31 - intensief, licht commercieel gebruik

AC4 Klasse 32 - normaal / zwaar commercieel gebruik

AC5 Klasse 33 - zeer zwaar gebruik, intensief commercieel gebruik

Symbolen systematiek
Sinds 1 januari 2007 worden in heel Europa dezelfde informatiesymbolen gebruikt. Deze pictogrammen zijn oorspronkelijk ontwikkeld door de tapijtindustrie, maar gelden nu ook voor andere soorten vloerbedekking zoals laminaat. Dit uitgebreide systeem geeft de eigenschappen en aanbevolen toepassingsgebieden aan. Voor het kantoor thuis is het toepassingsgebied Zwaar Woongebruik geëigend, ook aangegeven met Klasse 23. Nog een symbooltje om in de gaten te houden: Zwenkwielen. Vloeren met dit symbool zijn bestand tegen bureaustoelen met wieltjes, mits minimaal 2 centimeter breed.

Natte ruimtes
Door de vochtgevoelige houtvezelkern is het meeste laminaat ongeschikt voor gebruik in natte ruimtes zoals badkamer en toilet. Sinds enige tijd zijn er gelukkig speciale waterdichte laminaatvloeren op de markt. Ze bestaan voor 100% uit kunststof. Ook het zogenaamde scheepsdek laminaat met rubberen of neopreen tussenstrips is waterdicht te krijgen. De kopse kanten worden dan handmatig gekit.

Zelf leggen
Vrijwel alle laminaatsoorten zijn tegenwoordig voorzien van het handige kliksysteem. Messing en groef worden daarbij zonder lijm in elkaar geklikt. De lamellen zijn ook weer gemakkelijk uit elkaar te halen; een paar keer verhuizen is dus mogelijk.

Heeft u een betonnen ondervloer? Dan is het verstandig eerst een vochtwerende folie te leggen. De ondergrond moet uiteraard ook vlak zijn. Is dat niet het geval, dan is een egaliserende ondervloer nodig. Bij het leggen moet er tot de wanden, de deur en de centrale verwarmingsbuizen voldoende ruimte (minstens 1 cm) vrijgelaten worden. Door loopbelasting, zware meubels en vocht zal de vloer iets uitzetten; daar is expansieruimte voor nodig. Deze zwelruimte wordt later netjes afgedekt door bijpassende plinten, afdeklatten en decortape.

Ondervloer
Wanneer u kiest voor een harde vloerbedekking is een isolerende ondervloer vaak geen overbodige luxe. In appartementen en bovenwoningen is een contactgeluidverbetering van 10 dB verplicht. De meeste ondervloeren hebben zowel geluid- als warmte-isolerende eigenschappen. Ondervloeren zijn verkrijgbaar aan de rol en in de vorm van harde platen. Sommige laminaatvloeren zijn al voorzien van een geïntegreerde geluidisolerende laag die een los aan te schaffen ondervloer overbodig maakt.

Bron: Uw Vloer | Vraag hier gratis vloerenbrochures aan.


Ook leuk om te lezen