Object

Volgens beweringen van sommigen wordt de enige échte haard op hout gestookt. De geur en aanblik van een knapperend houtvuur zijn dan ook uniek. Maar een goed houtvuur stoken is een ware kunst. Het begint met de keuze voor het juiste hout. Want niet alle houtsoorten kunt u zomaar in de haard branden (zie het kader links van deze pagina). Vaak kiest men hardhout omdat het mooiere vlammen geeft en na verloop van de tijd lekker gloeit. Maar ook lichtere houtsoorten kunnen prima wegbranden, alleen moet u de haard dan vaker bijvullen. Gebruik in ieder geval nooit geverfd hout. Bij de verbranding daarvan komen stoffen vrij die schadelijk zijn voor uw gezondheid en het milieu. Hetzelfde geldt natuurlijk voor materialen als plastic of textiel. Nog belangrijker dan de houtsoort is droogte van het hout. Vochtig hout is niet bevorderlijk voor het vuur. Goed brandhout moet anderhalf tot twee jaar gedroogd zijn. Wilt u zeker weten dat het brandhout kurkdroog is? Leg de blokken dan één tot twee dagen voor het branden binnen, in de buurt van de haard.

Vuurtje stoken
Vervolgens zult u strategisch te werk moeten gaan. Leg wat kleine houtblokken in de haard met aanmaakblokjes. Papier is niet ideaal om de brand te starten. Vanwege de lage verbrandingstemperatuur duurt het vrij lang voor het vuur overspringt naar het hout. Ook geeft papier veel as. Het gebruik van ontvlambare vloeistoffen als spiritus wordt afgeraden, omdat het gevaarlijke steekvlammen kan opleveren. Brandt het vuur eenmaal, voeg dan telkens wat grotere houtstukken toe. Het is belangrijk dat het vuur voldoende zuurstof krijgt, anders zal het langzaam doven. Leg de houtblokken daarom losjes op elkaar en zorg voor voldoende luchttoevoer. Een goed brandend, heet vuur zorgt voor bijna onzichtbare rook uit het kanaal.

Grote keuze
De ontwikkeling van nieuwe technieken en ontwerpen heeft niet stil gestaan. Tegenwoordig kan de haard overal in de ruimte worden geplaatst. Geïntegreerd in de wand, los in de ruimte of zelfs zwevend boven de vloer zijn een aantal van de mogelijkheden. Een superstrak resultaat bereikt u met een inzethaard die naadloos in de wand wordt geïntegreerd. Een heel ander effect bereikt u met een vrijstaande of hangende haard. Omdat deze los in de ruimte worden geplaatst, nemen ze een prominente plaats in binnen het interieur. Ook op het gebied van rendement zijn er keuzes te maken. Een open toestel heeft doorgaans een laag rendement, maar geeft een bombardement aan sfeer. Ook kunt u kiezen voor een liftdeurhaard die sfeer met een hoog rendement combineert. De haard heeft twee standen: open vuur of veilig achter glas.

Grote kamer, meer kilowatt?
In Nederland worden de meeste haarden en kachels gebruikt als sfeerverwarmers en in het voor- en najaar om lekker bij te verwarmen, zonder de CV te hoeven inschakelen. Het is dus belangrijk om een toestel met niet teveel kilowatts te kiezen. Voor een huiskamer van 40m2 is een netto capaciteit van 5kW al snel voldoende. Bij een grotere woonkamer kunt u iets meer nemen. Een té grote capaciteit betekent dat u het haardvuur moet gaan temperen en dat er door onvolledige verbranding te veel schadelijke stoffen vrijkomen, en er van de mooie vlammen niet veel meer overblijft.

 

 

 

Ook leuk om te lezen