Het kiezen van sfeerverwarming begint bij de keuze voor de brandstof: hout, gas of elektrisch. Er zijn alternatieven, zoals olie, kolen, briketten en nieuwe brandstoffen als bio-ethanol. Elk van deze brandstoffen heeft zo zijn eigen voor- en nadelen.

Hout
Een houtgestookte haard staat garant voor een maximum aan sfeer. Niet voor niets natuurlijk: hout is de oervorm van alle brandstoffen. Het roept een sluimerend jagersinstinct in ons wakker: niets is leuker dan houtblokken verzamelen, kloven, een voorraadje aanleggen en vervolgens stoken. Niets werkt bovendien rustgevender dan de kruidige geur en het karakteristieke geknetter van smeulende en brandende blokken. Maar hout als brandstof heeft ook nadelen. Het vergt voorbereiding.

Om te beginnen moet het hout goed droog zijn voordat kan worden gestookt. Vers gekapt, gekloofd hout heeft ongeveer een jaar droogtijd nodig. Een droge opslagruimte is dus een must. Het stoken van een houtvuurtje is handwerk dat aandacht en behendigheid vraagt. Een houtvuur kan niet even snel worden gedoofd. Voor een houtgestookte kachel of haard is bovendien altijd een rookkanaal nodig dat uitmondt boven de nok van het dak en dat rookkanaal moet minimaal een keer per jaar worden geveegd.

Gas
Gemak dient de mens en dat verklaart het succes van de populairste brandstof van dit moment: gas. Stoken op gas is schoon, makkelijk en veilig - er kunnen immers geen vonken uit het vuur spatten en zo snel als het vuur aan is, is het ook weer uit. Een druk op de knop is voldoende om het vuur te regelen of de haard aan of uit te zetten. Afstandsbediening waarmee dat vanuit de luie stoel kan is tegenwoordig vaker regel dan uitzondering. Voor het vuurbeeld hoef je het niet te laten. Dankzij innovatieve technieken laten de meeste gashaarden en -kachels een levendig vlammenspel zien dat vaak niet van echt houtvuur te onderscheiden is. Of je nu voor keramische houtstammen, imitatiedennenappels, -kolen of een strak kiezelbed kiest. Gastoestellen zijn goed regelbaar en daardoor erg efficiënt. In voor- en najaar kan de cv-ketel gewoon op laag blijven, de gashaard zorgt voor voldoende warmte waardoor je op de totale gasrekening kunt besparen.

Voor gastoestellen is uiteraard een gasaansluiting nodig, maar omdat aardgas in ons land de meest gebruikte brandstof is, is de kans groot dat er een aansluiting aanwezig is. Is dit niet het geval, dan kunt u terugvallen op gashaarden die geschikt zijn voor propaangas. Voor open haarden en kachels is verder een rookkanaal vereist dat uitkomt boven de nok van het dak. Bij gesloten gaskachels kan het gecombineerde luchttoevoer- en rookafvoerkanaal ook in de gevel uitmonden. Zon concentrisch rookkanaal is dé oplossing voor plaatsen waar geen rookkanaal mogelijk is. Er zijn zelfs gesloten gaskachels waarvoor helemaal geen afvoer nodig is; de rookgassen worden met behulp van een katalysator gezuiverd en in de ruimte teruggeblazen. Voorwaarde is wel dat de juiste ventilatie aanwezig is omdat er heel veel vocht bij vrijkomt.

Elektrisch
Vroeger was op een kilometer afstand te zien dat elektrisch vuur nep was. Maar technische innovaties hebben niet stilgestaan. Net als een gasvuur is ook een elektrisch vuur tegenwoordig bijna niet meet van een houtvuur te onderscheiden. Ook niet van dichtbij. Modern elektrisch vuur is dan ook een technisch hoogstandje dat bij steeds meer mensen in de smaak valt. Het vuur bestaat uit namaakhoutblokken of kolen die gaan gloeien. Achter de blokken is een scherm geplaatst, waarop met bewegende spiegeltjes het licht van oranje gloeilampen wordt geprojecteerd. Met een afvoerpijp tot aan het plafond en een fraaie schouw erbij wordt het helemaal zoeken naar de verschillen.

Bijkomend voordeel is dat geen afvoerkanaal nodig is. Er vindt namelijk geen verbranding plaats. Elektrische haarden zijn daardoor vrijwel overal te plaatsen. Het enige wat nodig is, is een stopcontact. Daarbij neemt de elektrische haard weinig ruimte in beslag. Je kunt hem overal neerzetten. Woonkamer, slaapkamer of serre, een elektrische haard past overal.

Er zijn twee soorten elektrische haarden: de inzethaard en de vrijstaande haard. De inzethaard wordt ingebouwd. Het gaat meestal om een gietijzeren of plaatstalen kastje in een (bestaande) open haard. Deze lijkt erg op de inbouwhaard, die in een schouw of muur wordt geplaatst, maar de inzethaard levert minder werk op. Voor de portemonnee is er ook goed nieuws: de aanschafprijs kan aanzienlijk lager zijn dan die van een gas- of houthaard. Daarbij verbruikt een elektrische haard weinig stroom op de sfeerstand. Zon 50 watt per uur en dat is evenveel als een doorsnee gloeilamp. In de warmtestand is dat een ander verhaal. Overigens is het vermogen van de meeste modellen te weinig om een ruimte helemaal te verwarmen.

Alternatieven
Andere brandstoffen zijn er ook. Denk aan haarden die worden gestookt op nieuwe brandstoffen als bio-ethanol. Ook hier geldt: door technische innovaties ontstaat een redelijk natuurgetrouw vuurbeeld. Niet voor niets dat steeds meer hippe merken en designers hun naam aan deze nieuwe generatie afvoerloze haarden verbinden. Doordat geen rookkanaal en zelfs geen stopcontact nodig is, is er optimale vrijheid wat betreft het bepalen van de plaats. Een nadeeltje is er ook: deze toestellen zijn vooral bedoeld voor de sfeer. Heel erg warm krijg je het er niet van.

Bron: Uw haard.



Ook leuk om te lezen