Een zalig moment: buiten is het guur, binnen kruip je lekker tegen de Kerstster aan, de Woonplant van de maand november. Met haar theatrale bladeren trekt zij je zo uit een sluimerend herfstdipje.

December is dé maand om je woonkamer te voorzien met alles wat feestelijk is. Buiten dat de kerstboom uiteraard niet mag ontbreken, zal wat fleurigs in huis meehelpen aan het feestgevoel. De Hyacint als Woonplant van de maand komt als geroepen. Deze geurige en kleurige bol met eindeloos veel bloemen zal lekker opvallen tussen de kerst takken.

Wat nou geurstokjes

Met een Hyacint in huis kun je de geurstokjes wel van je boodschappenlijstje schrappen. Deze bol kan maar liefst 40 kleine bloemetjes laten uitgroeien, die samen een heerlijke frisse geur door jouw woonkamer verspreiden. Je kunt een Hyacint helemaal kiezen in de kleur die past bij het interieur. Zowel in het wit, blauw, geel, roze, oranje, rood en paars is deze krullenbol verkrijgbaar.

Life saver

Naast dat de Hyacint een ware feestneus is voor in huis, werkt het ook goed om je balkon of tuin op te vrolijken. Vanaf het saaie januari kun je de bollen al buiten in een pot zetten. Wanneer het weer wat warmer gaat worden in ons kikkerlandje, vervuld de Hyacint een belangrijke functie. Niet alleen wij genieten van de geur, maar ook bijen komen graag op deze bloemetjes af. Zo helpt de Hyacint een handje mee aan het leven van de uitstervende bij.

Een bescheiden plant

De Hyacint groeit vanuit de bol. Het is belangrijk dat je de bol laat zitten zodat de ‘krulletjes’ het langst mooi blijven. Veel tijd vraagt deze Woonplant van de maand niet van je, maar een lichte plek in de woonkamer en een keer per week een scheut water, zal gewaardeerd worden. Je kunt de Hyacint er dus prima bij hebben in de drukke, feestelijke december maand.

De herfst kun je vrolijk begroeten met de Begonia, de Woonplant van de maand oktober. Deze vrolijkert kan in verschillende kleuren in bloei staan. Mocht je toch meer een plantenliefhebber zijn, dan is de Bladbegonia een goed alternatief. Houd jij van warmte en licht in huis? Dan kan de Begonia wel eens een fijn gezelschap bieden.

Met of zonder bloemen
Zowel voor de planten –als bloemenliefhebber is de Begonia een gezellige woonplant. Grote kans dat je de bloeiende versie in je lievelingskleur kunt kiezen. Zowel rood, roze, oranje, wit en geel behoren tot het kleurenpalet. Wat natuurlijk extra gezellig is, is een bonte verzameling van alle kleuren samen in één pot. De basic Bladbegonia moet het van zijn fluweelachtige blad hebben. De bladtekeningen van deze kameleon kunnen zilverachtig, roze, bordeauxrood of verschillende tinten groen aannemen, afhankelijk van hoe het licht valt. Reislustig
De roots van de Begonia liggen in warme, vochtige bosrijke gebieden in Nieuw-Guinea, zuidelijk Afrika en de Andes. Best reislustig dus die Begonia. Maar bij jou in de huiskamer kan deze woonplant het ook prima naar zijn zin hebben. Geef wel een plekje waar het goed licht is. Het liefst groeien ze in een stabiele temperatuur, wat ze gewend zijn vanuit hun roots.

Verzorging van de Begonia
Super fijn aan de Begonia is dat deze plant al genoegen neemt met een klein beetje verzorging. Veel licht doet goed, teveel zon of warmte wordt minder gewaardeerd. Heel dorstig is de Begonia ook niet te noemen. Met twee keer per week water krijg je al een mooi resultaat. Het beste resultaat krijg je als je een schotel onder de pot zet waar je het water in giet. De perfecte maand om de Begonia te verhuizen is maart. Om verdorring tegen te gaan, haal de uitgebloeide bloemen weg en geef een keer per week wat mest. Wil je jouw plant extra verwennen? Zet de Begonia dan in een kamertemperatuur van zo’n 18 graden Celsius. Wie houdt er niet van een beetje extra verzorging op zijn tijd?

De lauwerkrans is in oktober voor… Laurier. De Tuinplant van de Maand is namelijk meer dan een groen blaadje. Elk seizoen houdt de plant zijn groene looks en daarboven zijn de blaadjes multifunctioneel. Bijvoorbeeld als smaakmaker in gerechten of zelfs als muizenverjager...! Tuinieren met Laurier is bovendien een fluitje van een cent. Geen ingewikkelde verzorging, maar puur gemak. Oktober is een uitstekende maand om de plant een plekje in de tuin te geven.

Blad, bloem & bes
Glanzend groen, statig van vorm: Laurus nobilis ('Zeg maar Laurier') doet zijn naam eer aan. De van oorsprong mediterrane heester geeft de tuin het hele jaar een permanent groene uitstraling. Het sterkste punt van de Laurier is het blad: ovaal en donkergroen met een lichte bladtekening. Als bonus verschijnen vanaf mei crèmekleurige bloemen en in de herfst vaak bessen. Laat je de Laurier zijn natuurlijke gang gaan, dan wordt het een volle, stoere schoonheid. Liever een strak uiterlijk? Geen probleem, de plant kan goed geleid en in vorm gesnoeid worden.

Smaak
Laurierblad geeft extra smaak aan onder andere goulash, hachee, soepen en stoofschotels. Pluk een paar blaadjes, was ze goed schoon en voeg toe aan het gerecht. Voor het serveren wel de blaadjes uit de pan vissen! Ze blijven hard en niet lekker om op te eten. Muis uit huis Hoewel Laurier een lekkere smaak aan gerechten toevoegt, denken muizen daar anders over. Heb je last van muizen? Strooi eens wat laurierbladeren in de provisiekast. De beestjes kiezen dan het hazepad.

Gemakkelijk
Laurier vraagt geen groene vingers. Onder ideale omstandigheden kan de plant wel honderd jaar worden. Zet Laurier op een plekje in de zon of halfschaduw, geef in droge periodes water en verwen in mei/juni met plantenvoeding. In potten is Laurier haast net zo makkelijk. Zorg daarbij wel dat onder in de pot een gat zit of gebruik hydrokorrels. Overtollig (giet)water kan dan eenvoudig wegvloeien. Let er wel op dat bij strenge vorst Laurier in pot beschermd moet worden. In de volle grond is de plant prima bestand tegen het Nederlandse winters.

Vleesetende planten, of Vleeseters, ze bestaan echt. Heb jij na de zomer ook altijd extra veel last van fruitvliegen en spinnen in huis? Dan is deze Woonplant van de maand september een uitkomst. Met hun kleurrijke, eigenzinnige uiterlijk vangen ze insecten en spinnetjes, om die vervolgens nooit meer los te laten. Naast wat natuur in huis, is het een gezellige huisgenoot die graag met je mee eet.

Carnivoren op je vensterbank

De bekendste Vleesetende planten zijn Dionaea muscipula, Sarracenia, Drosera en Nepenthes. Exotische namen voor eigenzinnige planten die insecten lokken met hun geur en kleur, vangen en smakelijk verteren. Voor het vangen hebben ze allemaal hun eigen tactiek. Dionaea of de Venusvliegenvanger gebruikt vangbladeren, die razendsnel dichtslaan. De Drosera is een tikje gevaarlijker, daar zorgen de tentakels voor het blijven kleven van de prooi. Het model onder deze Vleeseters is toch wel de Sarracenia. Deze bladeren hebben een bekervorm waarin insecten gevangen worden. Nepenthes gebruikt ook bekers, die hangen aan de bladuiteinden.

Zeldzaam in het moeras

In het wild leven Vleesetende planten in gebieden met een stikstofarme bodem, zoals moerassen. Overal ter wereld op moerassige plekken kun je deze carnivoor tegenkomen. Wel moet je goed opletten om een wilde Vleesetende plant tegen te komen, inmiddels is deze plant zeldzaam. Wel hoef je hier minder bang te zijn voor spinnen en insecten. Verzorging van Vleesetende planten

De meeste Vleesetende planten houden van een warme volle zon op de bol en frisse natte voeten. Zet ze tijdens de groei gerust in een grote schaal in zure potgrond in een paar centimeter water. Voor de verzorging van deze plant mag je dus juichen bij een regenbui, regenwater is favoriet. Maar met gedestilleerd water of zacht kraanwater bezorg je ze ook een goede dag. Liever geen hard water, want door ophoping van zouten in de grond gaan de wortels rotten. Plantenvoeding hebben ze niet nodig, ze zijn immers zelfstandig genoeg om hun eigen maaltijden te vangen. Een tip: haal dode bruine blaadjes en kelken weg, deze zijn namelijk favoriet bij schimmels.

Vrouwentong, ook bekend als Sansevieria, is Woonplant van de maand augustus. Een onverwoestbare krachtpatser die liever vocht geeft dan neemt en de woestijn net zo makkelijk verruilt voor een trendy pot bij jou thuis.

Lang leve luchtvochtigheid

De Vrouwentong herken je aan zijn stevige, puntige bladeren die rechtop uit de aarde komen. Ze zijn (grijs)groen, gestreept, gevlekt of hebben een gele rand. Die opvallende bladeren doen mooi maar onzichtbaar werk: ze krikken de luchtvochtigheid op en dat is fijn voor jouw huid, ogen en luchtwegen.

Ethiopische woestijnplant

De Vrouwentong vind je in het wild in de woestijn van onder andere Ethiopië. Die geboortegrond verklaart waarom de plant zo ijzersterk is en stevig overend blijft in droge warmte. Met als resultaat een robuuste woonplant die zich gedraagt als een makkelijke gast. Niet zo gek dus dat de Vrouwentong de afgelopen jaren een indrukwekkende comeback maakte. Verzorging van de Vrouwentong

Vrouwentongen zijn heel makkelijk te onderhouden. De plant kan door zijn afkomst goed tegen droge warmte, bijvoorbeeld van de centrale verwarming. De Vrouwentong staat prima in het licht, maar zet hem niet in de volle, brandende zon. Geef weinig water, laat de aarde tussen gietbeurten goed uitdrogen. Liever te weinig dan te veel water, dat is het devies.

Leuk om te weten:

Er bestaan ongeveer 70 soorten Vrouwentongen.

Natuuronderzoeker Carl Peter Thunberg vernoemde in 1794 de Sansevieria naar de Italiaanse prins Raimondo di Sangro die uit San Severo kwam en de meest bijzondere uitvindingen deed.

In veel Afrikaanse landen gebruikt men de bladeren van de Vrouwentong om touw en manden van te maken.

De Vrouwentong kleurt donkerder als hij verder van het raam staat, en lichter dichtbij het raam.

Een Vrouwentong is een ideaal cadeau voor iemand zonder groene vingers, voor op kantoor of in een school: de plant piept namelijk niet als hij een tijdje minder water krijgt.

Heel soms bloeit de Vrouwentong: er ontstaat dan een stengel tussen de bladeren waar bloemetjes aan groeien.

In Korea worden Vrouwentongen gebruikt om deelnemers aan evenementen of zakenpartners mee te verwelkomen.

Sansevieria’s halen giftige stofjes als formaldehyde en carbondioxide uit de lucht en geven daar zuurstof voor terug. Zet dus rustig een Vrouwentong in je slaapkamer neer.

Een zomertype, dat kun je de Ficus Ginseng, of Ficus microcarpa, wel noemen. Bij zwoele temperaturen gaat hij namelijk graag op vakantie naar je terras. Daarom is deze bonsai met zijn glimmende blaadjes Woonplant van de maand juli.

De zomer komt eraan! Dat vieren we met de Lepelplant, Woonplant van de maand juni. Deze veerkrachtige groen-witte verschijning, ook bekend als Spathiphyllum, heeft jouw gezondheid hoog in het vaandel.

Adem in, adem uit

Met haar groene, glimmende bladeren, roomwitte aar en spitse schutblad is de Lepelplant echt een beauty. Maar je zou deze woonplant tekort doen als je haar alleen beoordeelt op haar uiterlijk. De Lepelplant heeft namelijk nog meer in huis en staat bekend om haar luchtzuiverende karakter. In die zuivere lucht voel jij je lekkerder en presteer je beter. Adem in, adem uit.

Lekker luchtvochtig

De Lepelplant komt van ver, namelijk uit het regenwoud rond de Amazone in Zuid-Amerika en dan met name uit Colombia en Venezuela. In dat regenwoud ontwikkelde ze haar voorkeur voor een hoge luchtvochtigheid. In 1870 werd de Lepelplant in Europa geïntroduceerd, waarmee haar zegetocht in Europese huiskamers en kantoorpanden begon.

Verzorging van de Lepelplant

Zet de Lepelplant op een lichte of schaduwrijke plaats en geef haar elke week flink water, tegen natte voeten heeft deze plant geen bezwaar. Keertje vergeten? Geen probleem, de plant is veerkrachtig en knapt meteen na een gietbeurt weer op. Jouw Lepelplant gedijt het beste tussen de 15 en 23° Celsius. Ze bloeit tussen de vier tot tien weken, om daarna een paar weken te rusten. Na zo’n twaalf weken komen aan de nieuw ontwikkelde scheuten weer schutbladeren.

Leuk om te weten:

Lepelplant staat bekend als vredestichter: de witte bloem staat symbool voor de witte vlag die internationaal wordt gezien als signaal van een wapenstilstand.

Je komt de Lepelplant tegen in veel variëteiten, van mini tot extra-large.

Met een luchtzuiverende Lepelplant op je bureau zorg je voor een gezond werkklimaat, en dus een hogere productiviteit en een lager ziekteverzuim.

De plant komt uit de Araceafamilie (aronskelkachtigen), net als de Anthurium.

De Lepelplant is ook heel geschikt om in de badkamer neer te zetten.

Krijgen de blaadjes van jouw Lepelplant in de winter bruine puntjes? Dan is de lucht waarschijnlijk iets te droog. Een plantenspuit doet wonderen.

Je Lepelplant heeft het in de zomer ook buiten naar haar zin. Zet haar dan wel op een beschutte plek in de schaduw.

Vaak zien mensen de witte schutbladeren aan voor bloemen, maar de bloemetjes van de Lepelplant zijn minuscuul en zitten op de bloeikolf (aar).

Woonplant van de maand

De Lepelplant, of Spathiphyllum, staat deze maand in het middelpunt van de belangstelling als Woonplant van juni 2015. ‘Woonplant van de maand’ is een initiatief van het Bloemenbureau. Maandelijks kiest het Bloemenbureau in overleg met vertegenwoordigers uit de sierteeltsector een plant die het opvallend goed doet bij de consument, of juist (nog) niet zo bekend is, maar wel potentie heeft om het goed te doen in de woonkamer.

Voor meer informatie zie:

www.mooiwatplantendoen.nl

In mei is de Chinese Roos, of Hibiscus, Woonplant van de maand. Een beauty met spectaculaire bloemen die wel een doorsnee van 10-12 centimeter kunnen krijgen. De bruidjes op Borneo, waar de woonplant vandaan komt, dragen de Hibiscusbloem in het haar, juist vanwege de uitzonderlijke schoonheid ervan.

Spectaculaire bloemen als aandachtstrekkers
De blaadjes van de Chinese Roos glimmen je tegemoet en hebben een mooie ovale vorm en een spits puntje. Toch zijn de bloemen van deze plant de echte aandachtstrekkers. Met een doorsnee van 10 tot 12 centimeter en vijf kroonbladeren bloeien deze spectaculaire bloemen soms slechts een dag, maar worden non-stop opgevolgd door nieuwe exemplaren. De Chinese Roos is verkrijgbaar in het rood, oranje, geel, paars, roze, wit en met twee kleuren per bloem.

Verzorgen
De Chinese Roos komt uit Zuidwest-Azië – het is de nationale plant van Maleisië - waar hij in het wild als een struik groeit en wel vier meter hoog kan worden. Bij warm weer kun je de Chinese Roos dus ook buiten neerzetten. Hou je de plant binnen, zet ‘m dan op een zonnige plaats en geef geregeld een beetje water. Haal de uitgebloeide bloemen regelmatig weg, dan blijft de plant nieuwe bloemen maken. In de winter is een lichte, koelere kamer en iets minder water het beste. In de lente kun je, indien nodig, de plant nog wat terugsnoeien. Wil je de Chinese Roos verpotten in het voorjaar? Gebruik dan een toplaag van potgrond voor Geraniums. Ideeën
De Chinese Roos doet het ook prachtig in je tuin of op je balkon in de halfschaduw. En er is variatie genoeg: de Hibiscus is er op stam, als kleine en grote struik. Omdat de plant zo hoog kan worden, kan het een mooie natuurlijke haag vormen als je bijvoorbeeld je tuin wilt afschermen voor de buren. En voor wie graag iets extra’s tijdens een diner wil doen; met de bloemen van de Chinese Roos kun je mooi gerechten versieren.